ABC van de politiek: Y-chromosoom

Op 25 mei 2014 moeten we naar het stemhokje voor de Moeder aller Verkiezingen. De komende maanden zal je allerhande dure termen naar het hoofd geslingerd krijgen. De Zondag helpt je door de bagger heen. Onze politiek journalist Paul Cobbaert laat wekelijks zijn licht schijnen op de politiek van ons Belgenland. Letter per letter. Van A tot Z.

 

Even wat biologie. Een man heeft één X- en één Y-chromosoom, een vrouw twee X-chromosomen. Een vraag. Is het Y-chromosoom een vereiste om de top te bereiken in de Belgische politiek? Het antwoord: ja, tot nu toe wel. Dat leert de geschiedenis. Hoewel het aantal vrouwen in onze parlementen de voorbije twintig jaar meer dan verdubbelde, is het aantal vrouwen in de allerhoogste functies heel beperkt. Amper dertien procent van de burgemeesters. Amper één partijvoorzitster. Nog nooit een vrouwelijke minister-president in Vlaanderen, nog nooit een vrouwelijke premier. Ja, Marianne Thyssen heeft het geprobeerd, ‘op z’n vrouwtjes’. Haar aanpak sloeg niet aan. Een verklaring? Gevoelsmatig: de politiek is een machtswereld, en mannen voelen zich er beter in thuis dan vrouwen. Mannen willen macht ruiken, voelen, bezitten. Alles, echt alles, moet wijken voor dat ene doel. Weinig vrouwen zijn ertoe bereid. Vrouwen willen problemen aanpakken. Neem Gwendolyn Rutten. Haar optimisme en enthousiasme zijn heus niet fake, zij meent het écht. Vergelijk dat met een zure cynicus als Bruno Tobback. Maar wie zal het langst overleven?

Moet dat glazen plafond doorbroken worden? Idealiter wel, ja. De politiek moet een weerspiegeling zijn van de samenleving. Moet dat met quota, dus positieve discriminatie? Hmm, ik vind van niet. Ik ben voor het principe: voor elk mandaat de beste kandidaat, of die nu man, vrouw, valide, mindervalide, zwart, geel of wit is. Maar ik vrees dat de realiteit er soms toe dwingt. Er is de voorbije jaren vooruitgang geboekt. Vandaag zijn veertig procent van de parlementsleden vrouwen, en dat zal na 25 mei niet anders zijn. Als Kris Peeters naar het federale niveau verhuist, is Hilde Crevits de Vlaamse numero uno van CD&V. Liesbeth Homans is dat nu al voor N-VA. Zij kunnen de eerste vrouwelijke minister-president van Vlaanderen worden.

Maar is die vooruitgang te danken aan de quota, evenveel mannen als vrouwen op een kieslijst en de nummers één en twee van een ander geslacht? Of hebben deze vrouwen kwaliteiten die vrouwen in het verleden niet hadden? We zullen het nooit weten. Jammer. Daarom ben ik niet zo voor quota. (Paul Cobbaert)

 

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s